| Besluit over vervallen keuzemogelijkheid voor onderwijsinstellingen om beroepsopleidingen vrijgestel |
|
Onderwijsinstelling hadden een keuzemogelijkheid inzake de omzetbelasting, hier is een einde aan gekomen...
Directoraat-Generaal Belastingdienst, brieven en beleidsbesluiten Besluit van 22 juni 2010, nr. DGB 2010/3875M, Staatscourant 2010, 10083 De minister van Financiën heeft het volgende besloten. Dit besluit begeleidt de wijziging van de onderwijsvrijstelling per 1 juli 2010. 1. Inleiding Per 1 juli 2010 vervalt de keuzemogelijkheid voor onderwijsinstellingen om beroepsopleidingen vrijgesteld of belast te verstrekken. Per die datum geldt de vrijstelling voor het wettelijk erkende beroepsonderwijs, voor beroepsopleidingen verstrekt door bekostigde instellingen en voor beroepsopleidingen verstrekt door erkende instellingen. 2. Gebruikte begrippen en afkortingen
3. Beroepsopleiding Voor het begrip “beroepsopleiding” wordt aangesloten bij artikel 132, eerste lid, onderdeel i, van de btw-richtlijn. Op grond van de Europese regelgeving omvatten de ‘diensten inzake beroepsopleiding of –herscholing’ onderwijs dat rechtstreeks verband houdt met een vak of een beroep en onderwijs met het oog op het voor beroepsdoeleinden verwerven of op peil houden van kennis.1] De invulling van het richtlijnbegrip in de Nederlandse regelgeving houdt in dat naast specifieke beroepsopleidingen en –herscholing, ook cursussen die zijn gericht op het functioneren van personen in een (toekomstige) werkkring onder het begrip beroepsopleiding vallen. Het gaat dan bijvoorbeeld om management-, automatiserings-, taal-, sollicitatie- en ondernemingsraadcursussen. Onderwijs dat zich primair richt op het bijbrengen en ontwikkelen van vaardigheden in de persoonlijke levenssfeer (bijvoorbeeld lessen voor EHBO of voor het rijbewijs B) valt niet onder het begrip beroepsopleiding. Ook hobbycursussen zijn niet aan te merken als beroepsopleidingen. 4. Vrijstelling voor beroepsopleidingen Wettelijk erkende beroepsopleidingen zijn vrijgesteld van omzetbelasting op grond van artikel 11, eerste lid, onderdeel o, onder 1˚, van de wet. Hieronder zijn mede begrepen de opleidingen die zijn ingeschreven in het CROHO en het Crebo.
RKBO Het RKBO is een register dat door de betrokken brancheorganisaties is ingesteld. De instellingen kunnen zich via de site www.CRKBO.nl aanmelden. Op deze site staan ook de voorwaarden voor registratie in het RKBO. De opname in het register gebeurt op basis van een externe audit. De audit wordt verzorgd door een onafhankelijk certificeringsinstituut dat is aangewezen door de verschillende onderwijsinstituten. Daarbij wordt vastgesteld of aan de eisen van de kwaliteitscode beroepsonderwijs wordt voldaan. Het RKBO staat in principe open voor iedere onderwijsinstelling die beroepsonderwijs verstrekt en aan bepaalde kwaliteitseisen voldoet, dit geldt dus ook door buitenlandse instellingen. Zolang de audit uitgevoerd kan worden en hieruit blijkt dat aan de gestelde kwaliteitseisen wordt voldaan, kan de (buitenlandse) instelling worden erkend en in het RKBO worden opgenomen. Het RKBO is ook toegankelijk voor natuurlijke personen die zelfstandig als docent handelen (ZZP-ers) en die onderwijsdiensten verrichten ten behoeve van onderwijsinstellingen2]. Dit brengt mee dat ook ZZP-ers, mits opgenomen in het RKBO, vrijgesteld zijn van de heffing van omzetbelasting voor het verstrekken van onderwijs als bedoeld in artikel 8 van het uitvoeringsbesluit.3] Om in het register te worden opgenomen, dienen ZZP-ers te voldoen aan de eisen van de kwaliteitscode voor ZZP-ers. Die eisen zijn in lijn met de kwaliteitscode beroepsonderwijs. Een instelling is vrijgesteld van omzetbelasting voor het verstrekken van beroepsonderwijs vanaf de datum van opname in het RKBO. Voor een overgangsregeling terzake zie onderdeel 5 van dit besluit. Als sprake is van een fiscale eenheid, waarbinnen zowel een erkende als een niet erkende instelling is opgenomen, is de vrijstelling alleen van toepassing voor zover de beroepsopleidingen worden verstrekt vanuit de erkende instelling. 5. Overgangsregeling Vanaf 1 juli 2010 geldt niet langer de keuzemogelijkheid voor belast of vrijgesteld beroepsonderwijs. Voor contracten die vóór 1 juli 2010 zijn afgesloten blijft de regelgeving die hierna onder punt 6 wordt ingetrokken, gelden tot uiterlijk 1 januari 20114]. 6. Ingetrokken regelingen Het besluit van 24 juni 1993, nr. VB93/1755, het besluit van 9 december 1993, nr. VB93/3598 en het besluit van 22 maart 2007, nr. DV2007/167M zijn met de inwerkingtreding van dit besluit ingetrokken. 7. Inwerkingtreding Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot 1 juli 2010. |
|||||||||||||||||||